Picoo

Stel nou dat kinderen tijdens het spelen niet alleen vaardigheden op motorisch gebied of samenwerkingsskills leren, maar ook directe feedback ontvangen tijdens het rennen, rekenen, spellen en leren. Dat kan dus met Picoo, dé interactieve spelcomputer voor buiten, die ik een maand in mijn klas mocht uitproberen.

Toen ik het pakket ontving, dacht ik meteen: wow, dit ziet er gaaf uit. Maar ook… hoe werkt dit? Gelukkig werd ik begeleid door iemand van Picoo via een videocall. Echt nodig ook, want in het begin is het best complex. Er zijn allerlei spellen en elk spel werkt weer net even anders. De kleuren van de controllers betekenen iets, de geluiden ook, en de trilling is niet zomaar een extraatje. Tijdens die uitleg kwam ik er steeds meer achter wat allemaal mogelijk was en ik werd alleen maar enthousiaster. En toen moest ik er nog mee beginnen! Mijn grootste gedachte op dat moment: dit wordt geweldig voor directe feedback tijdens bewegend leren.

We begonnen laagdrempelig met een spelletje Zombierun. Een tikspelletje dat super eenvoudig is. De kinderen waren paars, de zombie groen. Word je getikt? Dan verander je in een zombie en mag je mee tikken. De kinderen waren meteen helemaal enthousiast, er werd flink gerend en gelachen. Het was leuk om te zien hoe we samen ontdekten hoe je het spel start en stop zet. Wat ik trouwens heel fijn vond: de kinderen hoeven elkaar niet aan te raken om getikt te worden, alleen in elkaars buurt komen is al genoeg. Scheelt een hoop duw-drama.

Toen ik dit eenmaal doorhad, ging ik door met wat ik het allerleukst vind: inhoudelijk leren combineren met bewegen. Ik vond een spel dat heet Duo-spel. In de sleeves (kaarten) zit een tag en die kan je zelf vullen met opdrachten. Ik maakte een Canva-template van Picoo en stopte er keersommen in. De kinderen renden over het speelplein, zochten de juiste keersommen bij de antwoorden en kregen meteen feedback op de bij elkaar gezochte combinaties. 

Daarna ontdekte ik Linieloop. Kinderen moeten hier de sleeves in de juiste volgorde scannen. Ik gebruikte sprongen van vijf, als voorloper op de keersommen, maar het is super aanpasbaar. Je kan het helemaal aanpassen op jouw lesdoel, bijvoorbeeld kommagetallen of getalbegrip.

En nu gebruik ik Picoo letterlijk dagelijks. Rekenen, taal, grammatica, woordsoorten herkennen, begrippen koppelen aan omschrijvingen… alles kan. De kinderen hebben echt het gevoel dat ze gamen op een buitenspeelcomputer, maar ondertussen zijn ze actief en leren ze samen.

De Picoo’s gaan zo’n vijf tot zes uur mee, ik laad ze één keer per week op. Buiten is de verbinding goed, binnen iets minder. Scholen kunnen een huurperiode afsluiten voor een klein bedrag, en vaak valt het onder een subsidie voor basisvaardigheden.

Mijn hele school is inmiddels enthousiast. Picoo heeft spellen voor elk leerjaar, maar je kan het ook helemaal zelf aanpassen aan je lesdoel. En geloof me: mij krijg je hier echt niet enthousiaster dan van directe feedback tijdens bewegend leren!